Onderzoek mineralenconcentraat
Doelstelling
Om te komen tot een duurzame veehouderij in Nederland zal onder andere de milieubelasting van mest en mineralen tot een aanvaardbaar niveau teruggebracht moeten worden. Geproduceerde mest zal eventueel na bewerking op een verantwoorde manier in Nederland of daarbuiten afgezet moeten worden.
Dit project beoogt de opwaardering van mestbewerkingsproducten naar kunstmest. Dit vergroot de afzetmarkt van dierlijke mest en kan daardoor bijdragen aan de verkleining van het mestoverschot. Het draagt bovendien bij aan het sluiten van de mineralenkringlopen, de reductie van broeikasgassen en het terugdringen van klimaatproblematiek .
In 2004 heeft de Minister van LNV in antwoord op de motie van Van der Vlies (TRC 2004/8438), toegezegd te verkennen of en op welke wijze andere lidstaten het gebruik van kunstmestvervangers uit dierlijke mest hebben toegestaan met instemming van de Europese Commissie.(EC)
In 2008 is overeenstemming met de EC bereikt over de uitvoering van mestpilots. Deze pilots vormen de basis vormen waarop de EC een besluit kan nemen om ook voor Nederland mineralenconcentraten uit mestbe- en verwerking de status als EG-meststof ( Vo. EG nr. 2003/2003), kunstmestvervanger en/of stof die als meststof verhandeld mag worden in Nederland. (bijlage AA Uitvoeringsregeling MW).
Werkwijze
Gedurende 2009 en 2010 zijn in het kader van de pilots de volgende studies uitgevoerd
- Monitoring van de deelnemende mestverwerkingsinstallaties
- Landbouwkundige en milieukundige effecten van toepassing van mineralenconcentraten en andere producten uit deze installaties als meststof
- Gebruikerservaringen en een economische analyse van het gebruik van mineralenconcentraten in de pilot;
- Life Cycle Analysis (LCA);
Dit onderzoek wordt in 2011 gerapporteerd. Tevens wordt er een syntheserapport gemaakt. Alle rapporten gaan naar de Europese Commissie voor beoordeling of concentraat als kunstmestvervanger kan worden toegepast.